Achterblijvers in elke eigendomscategorie
Of het nu gaat om eigenaar-bewoners, VvE’s, corporatiewoningen of private huur: in elke eigendomscategorie bevinden zich groepen mensen die dreigen achter te blijven bij de verduurzaming van hun woonruimte. Het gaat steeds om huishoudens met een laag inkomen en een slecht geïsoleerde woning, maar de specifieke knelpunten verschillen.
Eigenaar-bewoners in landelijk gebied
Vooral in landelijk gebied dreigen eigenaar-bewoners achterop te raken. Veel van hen wonen in grote, slecht onderhouden huizen waar de kosten van verduurzaming snel oplopen. Hoewel er regelingen bestaan, zoals de ISDE, de SPUK LAI en leningen via het Warmtefonds, vallen juist deze huishoudens er geregeld buiten. Zo is de WOZ-waarde in sommige gevallen te hoog om voor de SPUK LAI in aanmerking te komen.
Verenigingen van Eigenaren (VvE’s)
Bij Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) ligt de besluitvorming per definitie bij meerdere partijen. Alle eigenaren moeten instemmen met de gekozen maatregelen én de verdeling van de kosten, wat het proces vertraagt. Dat geldt des te meer voor gemengde VvE’s, waar ook woningcorporaties eigenaar zijn en andere regels van toepassing zijn. Het Rijk werkt aan aanpassing van de besluitvormingsregels en biedt subsidie voor procesondersteuning. Eigenaren kunnen daarnaast een beroep doen op de SVVE en financieringsproducten van het Warmtefonds. (Zie ook AI-gedreven aanpak voor verduurzaming VvE’s)
AI-gedreven aanpak voor verduurzaming VvE’s
Woningcorporaties
Woningcorporaties boeken vooruitgang bij het wegwerken van de slechtste energielabels (E, F, G), maar niet alle huurders profiteren daarvan. Woningen in monumentale panden, sloop-nieuwbouwlocaties of VvE’s vallen in de praktijk buiten de Nationale Prestatieafspraken en blijven bijvoorbeeld achter.
Private verhuur
In de private huursector blijft de subsidieregeling SVOH grotendeels onbenut. Hoe gemeenten verhuurders kunnen bewegen om te verduurzamen en wat te doen als dat niet gebeurt, is nog een open vraag.
Woonwagens en woonboten
Over de situatie van bewoners van woonwagens en woonboten is weinig bekend. Of energiearmoede hier speelt, is onduidelijk. De kleine aantallen en de bijzondere juridische, technische en beleidsmatige omstandigheden maken het lastig om gerichte maatregelen te ontwikkelen.
Kwetsbaarheden stapelen zich op
Naast het type woning en eigendom spelen ook persoonskenmerken een rol. Wie moeite heeft met lezen of digitale formulieren komt minder snel bij de juiste regelingen terecht. Ouderen zien verduurzaming soms als iets waar ze zelf niet meer van profiteren en alleenstaande ouders hebben er de tijd en energie niet voor. Bij veel huishoudens stapelen dit soort kwetsbaarheden zich op.
Wat werkt: maatwerk, ontzorging en lokaal vertrouwen
Voor de groepen die het meeste risico lopen om achter te blijven, bestaan nog weinig goede mogelijkheden voor verduurzaming. Gemeenten en woningcorporaties richten zich vooralsnog vooral op doelgroepen die net wat makkelijker te bereiken zijn en waarmee meer resultaat te behalen valt. Aanpakken voor VvE’s en private verhuur komen in sommige gemeenten pas net van de grond. (Zie ook de tool Zet je VvE op groen)
Zet je VvE op Groen
Voor de groepen die het moeilijkst te bereiken zijn, bestaan nog weinig bewezen aanpakken. Wat wel werkt, is een combinatie van drie dingen: subsidies die ruimte laten in wat er gedaan wordt en voor wie ze bedoeld zijn, verregaande ontzorging van het hele verduurzamingsproces en een aanpak die lokaal verankerd is, met zichtbare aanwezigheid in de wijk. Ook de inzet van energiehulpen blijkt op veel plekken effectief om contact te leggen en huishoudens op weg te helpen. (Zie ook Energiehulpen bewezen effectief, maar vraagt om structurele steun)
Energiehulpen bewezen effectief, maar vraag om structurele steun
Gemeenten en waar nodig het Rijk kunnen verschillende stappen zetten: investeren in lokaal vertrouwen en samenwerking met sleutelfiguren, heldere informatie bieden op B1-niveau of meertalig, een aanpak ontwikkelen voor private verhuur en handhaving, specifieke constructies realiseren voor huishoudens in landelijk gebied en zorgen voor structurele financiering van energiehulpen.