Fase 2: Besluitvorming (stap 4-6)

Laatst gewijzigd op:

Stap 4: Oriënteren, afwachten of weerstand

Wanneer de persoonlijke situatie bekend is, zullen bewoners bewust of onbewust de keuze maken om zich te gaan oriënteren op oplossingen voor hun woning, af te wachten (niets doen), of zich actief te weren tegen aardgasvrij. In het laatste geval zullen bewoners bijvoorbeeld een actiegroep oprichten. Het meest wenselijke is dat bewoners zich gaan oriënteren en uitzoeken welke optie voor hen geschikt zou zijn. Bewoners zullen naar de volgende fase gaan wanneer zij het gevoel hebben dat de alternatieven op hoofdlijnen voor hen urgent, haalbaar en aantrekkelijk genoeg zijn om in actie te komen.

Bewoners ervaren het contact met het team als zeer toegankelijk. Bewoners kunnen met vragen of zorgen terecht aan de modelwoning die is ingericht in de Gasinjetstraat. Het team zat eerst op het gemeentehuis, maar dat kan een hoge drempel opwerpen voor bewoners om erheen te gaan. Een teamlid beschreef het zo: ‘’Bewoners moeten erheen gaan, een nummertje trekken, wachten, drie trappen op, naar een vergaderzaal, dan zijn mensen al drie koppen kleiner geworden. Hier ontmoet je mensen op hun eigen terrein.’’

Bewoners geven aan blij te zijn met de zeer persoonlijke aanpak van de gemeente Purmerend. Er worden informatieve, maar tegelijkertijd gezellige bewonersavonden georganiseerd. Een bewoner beschrijft het als ‘een avondje uit’. Bij een van de bewonersavonden werden bijvoorbeeld verschillende stamppoten en glühwein geserveerd. Na een praatje van het team konden mensen op de tafelkleden schrijven wat hun grootste zorgen waren over aardgasvrij. Deze tafellakens werden aan de gemeenteraadsleden gepresenteerd.

Voor sommige bewoners is het makkelijk om aangehaakt te worden en te blijven in de transitie naar aardgasvrij, omdat ze de mogelijkheid hebben hier tijd voor te maken. Jonge gezinnen hebben ’s avonds minder mogelijkheden om naar bewonersavonden te gaan, of hebben simpelweg niet de puf om naast een baan en gezin ook nog alle informatie over aardgasvrij bij te houden. Een van de jongere geïnterviewden was net van baan gewisseld waardoor hij af en toe thuis kon werken en daarom dit gesprek kon plannen. Gepensioneerde geïnterviewden konden makkelijker tijd maken voor gesprekken en om zich in te lezen. Wat oudere bewoners zijn ook oververtegenwoordigd op de bewonersavonden. Een jongere deelnemer aan de babbelboom zei: ‘’Ik was op de bewonersavond veruit de jongste. Ik ben 26, maar ik denk dat de gemiddelde leeftijd 60+ was.’’

Een bewoner geeft aan dat je als bewoner weinig keuzes hebt in de aardgasvrije alternatieven. “Als je in een goed geïsoleerd huis woont dan kun je nog kiezen voor een alternatief”, maar er is voor ons eigenlijk weinig keus mogelijk. En er wordt niet gesproken over subsidie voor isoleren. Want het is natuurlijk prachtig als je dit soort maatregelen neemt, maar ga dan zorgen dat alle huizen goed geïsoleerd zijn. Zoals er verderop bijvoorbeeld nu gedaan wordt in de Merwedestraat. Daar wordt alles eerst samen met het verduurzamen, goed geïsoleerd. En daar was trouwens al stadsverwarming, maar daar zijn ze wel goed bezig.’’

Een geïnterviewde gaf aan dat wanneer de kosten voor hem persoonlijk te hoog zouden worden, in het ergste geval zijn ouders zouden kunnen bijspringen.

Een bewoner vindt dat de gemeente eerst de wijk moet opknappen voordat hij in zijn huis gaat investeren. Hij zou zijn huis dan eerder verkopen.

“Als de gemeente eerst onderhoud pleegt en zorgt dat de wijk wat netter is, dan kunnen we verder praten, maar op dit moment gaat het ‘m niet worden. Ik denk dat het bij elkaar hoort. Ik denk dat ik eerder mijn huis zou verkopen dan dat ik er groot onderhoud aan zou doen, omdat ik het hier gewoon verpauperd vind. Daar vind ik wel wat van.”

Er zijn enkele bewoners die los van de discussie – “Wil ik over op een aardgasvrije woning? – zich verzetten tegen het proces. Ze hebben het gevoel geen keuze te hebben. Op de vraag zou u dan liever niet aardgasvrij wonen antwoordt een bewoner: ‘’Daar gaat het niet om. Het gaat erom dat ik geen keuze heb’’. Als voorwaarde om te mogen starten met de aardgasvrije pilot, stelde de gemeente Purmerend de voorwaarde dat minimaal 50% van de bewoners hier open voor zou staan. Door middel van een intentieverklaring konden bewoners aangeven positief of negatief tegenover dit initiatief te staan. Het team van Purmerend Aardgasvrij heeft vervolgens, aldus een bewoner, “flink gelobbyd” in de wijk. Bij sommigen schoot deze aanpak in het verkeerde keelgat. Eén bewoner zei dat het leek als het team op een ‘missie’ was om iedereen te overtuigen. Deze voelde zich onder druk gezet om de intentieverklaring te ondertekenen. Het moest allemaal ‘erg snel’.

Sommige bewoners hebben het gevoel dat ze geen inspraak meer hebben in de beslissing wel of niet over te gaan op een aardgasvrij alternatief. ‘’Ja, je wordt wel uitgenodigd voor informatieavondjes, maar ja. Ik heb toch het idee dat dat ook allemaal dingen zijn die in feite al min of meer wel beslist zijn. Want je krijgt wel mooie tekeningen voor je neus, maar in principe is het wel zo dat de beslissingen allang genomen zijn’’, aldus een bewoner.

Een geïnterviewde die alleen woont, geeft aan dat ze stress ervaart doordat ze soms niet goed weet wat er allemaal gebeurt in de transitie naar aardgasvrij. ‘’Er staan dan ineens mensen op mijn oprit, wijzen fronsend naar mijn huis en ik heb geen idee wat ze daar doen.’’ Een andere geïnterviewde denkt dat het lastiger is voor mensen die alleen wonen, omdat ze niemand hebben met wie ze de onzekerheid en stress kunnen delen, of weglachen. ‘’Het is denk ik ook lastiger voor oudere mensen’’.

Meerdere bewoners geven aan dat Stadsverwarming Purmerend in eerste instantie had besloten om de omvormers bij bewoners in de meterkast te plaatsen. Volgens de bewoners was dit geen geschikte plaats omdat de meterkast volgens hen hier te klein voor was. Meerdere geïnterviewden gaven aan dat er gedurende dit proces weinig aandacht was voor de kennis van de bewoners zelf: zij gaven al snel aan dat een dergelijke constructie niet zou passen. Pas in een later stadium werden er technici betrokken bij de gesprekken en werd er een andere plek gezocht voor de omvormer.

Een bewoner geeft aan over onvoldoende budget te beschikken en ook geen lening te willen afsluiten. “Nou, nee hoor. Ik sta er op zich wel voor open maar het budget laat het niet toe. Er zijn wel subsidies maar die zijn niet kostendekkend en ik ga er geen lening voor afsluiten dus daar strandt het een beetje. Ik heb begrepen dat Purmerend heel graag de eerste stad wil zijn die aardgasvrij is, dus laat ze maar over de brug komen bij de gemeente.”

Bewoners hebben het gevoel dat er alleen wordt gesproken over warmtenetten.

‘’Er zijn genoeg alternatieven zoals zonnepanelen, warmtepompen, maar daar wordt vrij weinig over gesproken, ook tijdens de informatieavonden niet. Nou, het klinkt een beetje als stadsverwarming maffia, want het wordt bijna niet genoemd. En als je vragen hebt dan is het van: “Dan moet je maar naar een warmteleverancier zoeken die daarin gespecialiseerd is”. Dat noem ik niet een aardgasvrij traject.”

Stap 5: Oriënteren

Bewoners die gekozen hebben om zich te gaan oriënteren, zullen via voor hen logische kanalen informatie inwinnen. Ze zullen overgaan naar de volgende fase als ze het gevoel hebben dat zij voldoende geïnformeerd zijn of dat er een geschikte beslishulp (zie hieronder) is om hun keuze op te baseren.

Meerdere bewoners geven aan meer vertrouwen te hebben gekregen in de aanpak van Purmerend Aardgasvrij toen er eenmaal betrouwbare technici werden betrokken bij het proces. Daarvoor voelden zij niet altijd even serieus genomen. Meerdere bewoners weten goed hoe hun woning in elkaar zit, wat er wel en niet mogelijk is. Het was prettig om dit soort zaken te kunnen bespreken met vakmensen en samen een oplossing te bedenken.

In de huidige situatie is iedere huizenbezitter verantwoordelijk voor het onderhoud en op tijd vervangen van de cv-installatie. Wanneer woningen worden aangesloten op het warmtenet van Purmerend, gaat dit veranderen. Stadsverwarming Purmerend blijft eigenaar van de warmte-units in woningen. Bij een defect komen zij het oplossen. De bewoner leaset de warmte-unit. Dit is een constant bedrag. Verschillende bewoners vinden dit een prettig idee. Sommigen hadden eerder problemen met hun cv of liepen tegen onverwachte kosten aan. Een bewoner zou eigenlijk zijn cv moeten vervangen. Nu spaart hij die kosten uit omdat hij wordt aangesloten op een warmtenet.

Enkele bewoners geven aan positieve ervaringen te hebben met inductie. ‘’Ik ben uiteindelijk superblij met mijn inductie. Ik heb van huis uit altijd gas gehad. Maar nu dus inductie. Het gaat supersnel en is ook heel makkelijk schoon te houden.’’

Sommige bewoners geven aan het ook wel leuk te vinden om hun huis via deze route op te knappen en meer toekomstbestendig te maken.

Een aantal huizenbezitters geeft aan dat het aardgasvrij maken van woningen waarde verhogend kan werken. Voor een jongere huizenbezitter die werd geïnterviewd was dit met name interessant. Hij gaf aan niet van plan te zijn om op lange termijn in zijn huidige woning te blijven wonen en de aardgasvrije aanpassingen te zien als een investering in zijn woning.

Het belang van goede communicatie speelde ook een rol voor verschillende bewoners bij het kiezen voor een aardgasvrije oplossing, of juist om bewust voor een eigen aanpak te kiezen. “Er werd heel duidelijk gecommuniceerd dat de aanleg van stadsverwarming werd betaald. Zelfs de verbouwing die in het huis te maken had met de stadsverwarming konden ze later factureren”. Een andere geïnterviewde geeft aan: “de informatievoorziening via het Energiehuis was uitstekend. De beslissing om niet deel te nemen heb ik genomen in goed overleg met het Energiehuis, er werd niet aangedrongen op een andere beslissing. De energieconsulent die me bezocht was behulpzaam.” Sommige geïnterviewden waarderen ook dat op meerdere momenten informatie werd aangeboden. “Meerdere mensen kwamen langs de deur.”

Bewoners zijn zich bewust van hun afhankelijkheid van anderen, maar ook dat anderen andersom van hen afhankelijk zijn; dat het slagen van het project afhankelijk is van hun medewerking. “Ik was de enige particulier in het rijtje met huurwoningen. Ik moest meedoen anders konden de andere woningen ook niet worden gerenoveerd. Dat gaf mij een goede onderhandelingspositie.”

Geïnterviewden geven aan dat betrouwbare informatie ontvangen belangrijk is  Zoals een bewoner aangeeft: “Ik heb de optie (van een warmtepomp) besproken met het Energiehuis en een offerte van een installateur gekregen die aantrekkelijk was. Ik heb niet echt uitgebreide rekensommetjes vooraf gemaakt, want dat ligt niet in mijn aard, maar de offerte zag er globaal goed uit.” Een ander geeft uit dat heldere informatie ook kan leiden tot het besluit om niet mee te doen.

“De informatievoorziening via het Energiehuis was uitstekend. De beslissing om niet deel te nemen heb ik genomen in goed overleg met het Energiehuis, er werd niet aangedrongen op een andere beslissing. De energieconsulent die me bezocht was behulpzaam.”

Meerdere geïnterviewden geven aan geïnspireerd te zijn geraakt door aardgasvrije alternatieven in Noorwegen. Er is een bootverbinding tussen Eemshaven en Kristiansand in Noorwegen. Geïnterviewden geven aan zelf dingen te zijn gaan uitzoeken over Noorse oplossingen als alternatief voor aardgas. ‘Ik heb sites bekeken. Op vakantie Noorwegen zag ik dat ze daar geen gas hadden, toen heb ik gekeken hoe ze het daar dan doen. Ik heb gegoogeld op Noorse sites, toen dacht ik: “hey dat is interessant”!’

Advies van een energieadviseur heeft verschillende geïnterviewden geholpen met het in kaart brengen van de mogelijkheden voor hun woning en de keuze wel of niet over te gaan tot renovatie. Eén geïnterviewde benoemde specifiek dat de energie-adviseur naast technisch ook financieel advies kon geven en hielp bij het overtuigen van gezinsleden. ‘Wij hadden een open vraag bij de energieadviseur neergelegd: is de woning geschikt (jaren 70 woning, deels geïsoleerd, deels niet) om aardgasvrij te worden. De energie-adviseur heeft daarmee dus echt geholpen.’

‘Naast de subsidie en mogelijkheid tot rentevrij lenen was dit [de ondersteuning van de energieadviseur red.] een belangrijke aanleiding om hiermee door te gaan.

‘De adviseur kon technisch en financieel advies geven. Anders is het zo’n berg regelwerk, kom je er niet doorheen. De adviseur helpt ook bij gezinsleden overtuigen’

Naast de inhoud van de financiële regeling zijn geïnterviewde bewoners ook te spreken over de manier waarop deze is opgezet. De regeling werkt op basis van vertrouwen in bewoners dat zij het geld gaan inzetten voor verduurzaming van hun woning. “Het contact met de gemeente [over de regeling] was heel goed. Het is een financiële regeling is op mensenmaat en was heel laagdrempelig om aan te vragen. Zowel de lening als de 5000 euro subsidie werden van te voren overgemaakt. Er kwam iemand vanuit de gemeente even kijken toen de werkzaamheden klaar waren. Eigenlijk is het een lening op basis van vertrouwen. Dit kan ook in een kleine gemeente.’’ De gemeente denkt ook mee als er sprake is van bijzondere situaties. Een bewoner geeft aan dat de aanvraag voor financiering voor haar lastig was, omdat ze een eigen bedrijf heeft. ‘’Uiteindelijk heeft gemeente voor mij uitzondering gemaakt.”

Voor bewoners is het belangrijk hoe een bepaalde technische oplossing past in hun woning. Het helpt om met foto’s of illustraties te laten zien wat concreet gaat veranderen in hun woning. Het is wel zaak dat dit klopt. Als het zo wordt als beloofd geeft dit vertrouwen. Een bewoner is positief: “Ze lieten foto’s zien hoe het ging worden. Zo is het ook geworden”

Een geïnterviewde geeft aan dat de installateurs die hij heeft gesproken hebben aangeven dat hij (op zijn leeftijd) prima een gasgestookte cv kan houden. ‘’Waar maak je je druk om’’, zeiden ze. ‘’Je kachel werkt, neem gewoon een nieuwe als deze stuk is’’.

Een bewoner  geeft aan bedenkingen te hebben bij de technisch uitvoering van de warmteoplossing.
“Alle systemen nuts, etc zijn ringsystemen. Met water, elektrisch, etc. Dit systeem is  niet zo aangelegd. Als hier in het van het systeem iets mis gaat, dan heeft niemand warm water. Als in andere wijk iets mis gaat zijn we allemaal de klos. “

Een bewoner geeft aan dat de bron van het warmtenet niet duurzaam is.

“Ze halen warmte van data center van universiteit af. Dat lag stil met corona, alle studenten zaten thuis. Waar haal je dan de warmte vandaag? Ze zeiden bijverwarmen met aardgas. Ik zeg: “dat slaat toch nergens op”.”

Eén bewoner ervaart de communicatie met de gemeente als dreigement. “Per telefoon werd “gedreigd” over geen gas meer vanwege Rusland en dat ze de gasleidingen af gingen sluiten.”

“Er werd gezegd dat je van het aardgas gehaald kan worden en dat het huis minder waard zou worden.”

Eén bewoner ervaart de informatiebijeenkomst als eenrichting verkeer.

“Informatieavonden zijn vooral zenden en proberen te overtuigen. Er werd niet het hele verhaal verteld.” “Bijeenkomst was een monoloog verhaal (verkooppraatje) vanuit Stadsverwarming. Het leek wel een soort verkooppraatje.”

Een deelnemer geeft aan weinig vertrouwen te hebben in de capaciteiten van de gemeente. ‘’Ik heb niet veel vertrouwen in overheidsinstanties zoals de gemeente en politie. Specifiek wat betreft de gemeente is er wat mij betreft veel te weinig inhoudelijke kennis om complexe dossiers tot een goed einde te brengen. Ik ervaar ook weerstand in de zakelijk samenwerking met de gemeente wat betreft mijn snackbar. Ik vindt overheidsinstanties vaak ondoorzichtig te werk gaan en wil meer transparantie.’’

Een bewoner geeft aan niet de mogelijkheid te hebben gehad om ervaringen uit te wisselen of advies in te winnen bij buurtbewoners. ‘’Ik heb geen ervaringen met andere bewoners uitgewisseld, dat vind ik wel jammer. Ik kreeg niet idee dat ik onverstandige keuze maakte, maar misschien waren we wel andere mogelijkheden geweest. Er zijn geen bewonersavonden geweest, dat ik weet. Ik heb het er wel met de buren over gehad, die hebben dezelfde keuze gemaakt. Zij hebben het ook niet gedaan. Nu wereld gewoon zo verandert, er zijn discussies over het klimaat, Oekraïne, aardgas zo duur, [het onderwerp] staat zoveel meer op de kaart. De noodzaak om hier iets mee te doen is alleen maar groter geworden. Ik heb ook niet verder besproken of financiering ook anders had gekund.”

Een bewoner geeft aan dat vragen niet echt beantwoord werden tijdens informatieavonden. “Er is niet goed gecommuniceerd. Er waren genoeg informatieavonden, maar je kreeg niet antwoorden. Ook niet over de kosten. Nu komen ze van koude kermis thuis.”

Meerdere bewoners vinden het een onprettig idee dat ze geen vrijheid hebben om zelf de leverancier te kiezen bij een warmtenet. Deze leverancier kan zelf prijzen en voorwaarden bepalen en bewoners hebben hier geen invloed op.

“Wel eng om van één organisatie afhankelijk te zijn. Je kunt niet kiezen voor gasaanbieders. Ofwel ze kunnen zelf tarieven bepalen, of ze het leveren op 50 of 70 graden. De voorwaarden zijn aan hen. Wij kunnen piepen. Met gas of elektriciteit kun je zeggen; leveren staat niet aan ik ga naar concurrent.”

“Dan zit ik op warmtenet; ik kan er nooit meer vanaf. Op gas heb ik mogelijkheid om over te stappen naar een andere leverancier”

Een gebrek aan vertrouwen in de overheid speelde voor een andere bewoner een rol bij de financiële afwikkeling van het proces naar een aardgasvrije woning. “De ISDE subsidie liep via de warmtepompleverancier. Dat is beter dan zelf iets opsturen naar het ministerie, want dat vertrouwt je niet’’.

De door sommigen als prettig ervaren gelijkmatige warmteafgifte van vloerverwarming wordt door anderen juist als onprettig gezien. Ook de overgang naar inductiekoken werd soms niet gewaardeerd ten opzichte van koken met gas. “Mijn vrouw had wel twijfels. Ze miste het gevoel van hete radiatoren – ‘als de radiatoren warm zijn dan is het huis warm’ – en wilde op gas blijven koken.”

Ervaringen die mensen horen van anderen beïnvloeden hun besluit over aardgasvrije opties. “Stadsverwarming is onbetrouwbaar. Mijn tante had regelmatig storingen.” Een andere bewoner geeft aan. “Mensen in het westen die totaal niet tevreden zijn stadswarmte. In de Telegraaf stonden veel verhalen over mensen die moesten bijstoken.” Een bewoner geeft aan: “Ik zag op tegen warmtepomp, het is een gigantische installatie, je krijgt brommende motoren. De buurman had er al één, daar was altijd wat mee. Ook zijn de prijzen voor zo’n ding gigantisch.’”

Voor meerdere bewoners is het niet duidelijk waarom er is gekozen om de leiding van het warmtenet door hun (kleine) straat aan te leggen. “De andere straat met bus; waarom ga je daar niet in? Bleek niet te kunnen. Zo’n ingesloten hofje en daar moeten die dikke buizen in.”

De meningen van bewoners over aansluiting op een warmtenet verschillen. Hierdoor ontstaat er wat onderlinge wrijving. “De laatste jaar 2 komen er wat meer ergernissen, ook onderling. Wat meer wrijving.”

Een paar bewoners vragen zich of aansluiten op het warmtenet wel financieel gunstig uitpakt. Die onzekerheid maakt het lastig om de keuze te maken voor al dan niet aansluiten op het warmtenet. “Ik heb vanaf het begin gezegd; “ik wil het eerst zien. Ik kan altijd nog aansluiten.” Dan kan het nog wat geld kosten, dat is dan maar zo. Dan zal er wel weer subsidie zijn. Het was geen geldkwestie voor mij.” Een andere bewoner geeft aan: “we hebben er slapeloze nachten van gehad.” Een ander geeft aan: “tot laatste moment hebben we gedacht misschien moeten we toch meedoen.”

Onzekerheid over financiële consequenties wordt door verschillende bewoners genoemd. Eén bewoner vraagt zich af wat er met de maandelijkse kosten zal gaan gebeuren. Een ander is onzeker over de toekomstige subsidie: “De subsidie vanuit EU/NL voor gemeente Purmerend gaat afgebouwd worden wegens twijfel over duurzaamheid van het project, dus kosten komen in de toekomst mogelijk bij de inwoners te liggen die er door de monopolie positie niet meer vanaf kunnen.” Een derde bewoner vertelt dat de kosten van het koken met een inductiekookplaat hoger zullen zijn dan van het koken op aardgas: “Ik heb de hoogte van de investering versus de opbrengsten precies doorgerekend: van 28 euro aan jaarlijkse kosten voor gas zou hij naar 80 euro aan kosten voor elektrisch koken gaan, plus de investering in een extra groep in de meterkast, het trekken van een extra elektriciteitskabel in de woning, de inductiekookplaat zelf en nieuwe pannen.”

Bij de onzekerheden speelt ook de twijfel over de duurzaamheid van de voorgestelde oplossing. Twee uitspraken van bewoners die dat illustreren zijn: “Stadsverwarming gebruikt ook aardgas (was 20% wordt zelfs 30%).”

“Biomassa is minder duurzaam dan aardgas en er worden nu ook in duingebied bomen aangewezen voor biomassa.”

Een geïnterviewde geeft aan dat hij op dit moment kijkt hij naar de mogelijkheden voor een hybride warmtepomp, als alternatief voor de een volledig elektrische warmtepomp wat uit het energie-advies voor zijn woning kwam. Hij heeft sindsdien gewacht of er niet wat anders/beters op de markt zou komen. Voor zover hij weet is er (nog steeds) geen goed alternatief voor de maatregelen die hij destijds geadviseerd kreeg en waar hij zich niet in kan vinden. Infraroodpanelen lijken de geïnterviewde wel prettig, maar hij vreest dat het huis vochtig wordt, omdat panelen alleen mensen verwarmen. Hij zou in ieder geval hier advies over willen hebben voor hij iets dergelijks zou willen aanschaffen. Een andere bewoners geeft aan dat waterstof wellicht een betere oplossing is als aardgasvrij alternatief. “Onderzoek ook andere dingen; zoals waterstof. Dat kan door de gasleidingen en dan halen ze al die leidingen weg.”

Stap 6: Keuze voor een oplossing

Bewoners kiezen een oplossing die zij het meest aantrekkelijk vinden. Om in deze fase te belanden moeten bewoners het idee hebben dat zij óf voldoende zijn geïnformeerd, of dat zij een goede heuristiek (wat doet de buurman, wat raadt de gemeente me aan?) gevonden hebben. Daarnaast is er een aanleiding nodig waardoor bewoners daadwerkelijk tot aanschaf overgaan. Een aanleiding kan bijvoorbeeld zijn dat ze gebeld worden door een aanbieder of adviseur.

vergoed door gemeente (proeftuin)
Voor verschillende bewoners is het (in hoge mate) vergoed krijgen van de kosten de enige of de belangrijkste reden om een aardgasvrije woning te overwegen. Meerdere bewoners geven aan niet enthousiast te worden van een aardgasvrije woning, maar er toch voor open te staan omdat alle of een groot deel van de kosten worden vergoed. Een bewoner zegt: ‘’Hoe kan de gemeente de transitie naar aardgasvrij leuker maken? Nou als ze meer zouden bekostigen zou het wel leuker worden’’.

Enkele bewoners geven aan dat het milieu heeft meegespeeld in het besluit om aan te sluiten op het warmtenet. “Ik ben milieubewust opgevoed. Trek trui aan, zo min mogelijk energie gebruiken (aardgasvrij was nog helemaal geen thema). Ik ben me er wel altijd bewust van geweest dat we maar één aarde hebben.’’

Een paar bewoners geven aan dat hun CV ketel aan vervanging toe was, en dat dit heeft meegespeeld in de keuze om aan te sluiten op het warmtenet. “Mijn ketel zou het nog [maar] 5 jaar volhouden”. Een andere bewoner gaf aan: “Mijn cv-ketel was 17 jaar. Het was eindig.”

Meerdere geïnterviewden geven aan dat de beschikbaarheid van financiële ondersteuning (voor een belangrijk deel) heeft bijgedragen aan de beslissing om over te gaan op een aardgasvrije woning. Een bewoner geeft aan: “Wij vonden allemaal als je dit aanbod krijgt, het wordt gesubsidieerd, dan ben je toch gek als je het niet doet.” De beschikbaarheid van de financiële regeling [in Eemsdelta] is voor een aantal geïnterviewden doorslaggevend geweest in de beslissing voor een aardgasvrije woning. ‘’Je kon 5000 euro subsidie krijgen en 20.000 euro rentevrij lenen, dit moest gecheckt worden door energieadviseur. Subsidie kreeg je achteraf. Hoogte lening ook afhankelijk van energie-adviseur. Deze financiële regeling was naast het natuurlijk moment en de beschikbaarheid van de energie-adviseur doorslaggevend, op nummer 1 de financiering, op nummer 2 de energie-adviseur.’’

Een andere bewoner geeft aan: “Je wilt wel duurzaam zijn maar het moet ook in portemonnee passen.”

Een aantal bewoners gaf aan dat de subsidie wel een rol speelde, maar dat die niet de belangrijkste reden was voor de beslissing over te gaan op een aardgasvrije woning. “Daarna kwam ook nog subsidie. Wij hadden het anders ook wel gedaan. Was wel aantrekkelijk’’. Een ander zegt: “In januari 2021 viel een nieuwe folder van de coöperatie in de bus dat nu ook subsidie gegeven zou worden op hybride warmtepompen. Dat zette me opnieuw aan het denken en rekenen.”

Één bewoner gaat nog een stapje verder: ‘’Ik heb nadat de Noorse panelen waren geïnstalleerd nog contact gezocht met de gemeente. Er is gekeken naar de maatregelen die we hebben getroffen. Daar kregen we achteraf nog subsidie voor, maar dit was voor ons niet doorslaggevend. We hadden het ook zonder subsidie gedaan’. ‘We hebben niet gekeken naar subsidies, weinig in verdiept. Subsidies dus ook geen reden geweest om ermee aan de slag te gaan. Sommige mensen zijn heel gehaaid, weten overal wat weg te halen, misschien zijn wij daar een beetje sullig in.’’

Het rendement van een investering komt op verschillende manieren terug. Een bewoner geeft bijvoorbeeld aan dat het aardgasvrij maken van de woning interessant is voor de waarde als het huis verkocht gaat worden: “Als we het huis gaan verkopen – heb je er alleen baat bij. De waarde wordt er niet minder van.” Een andere geïnterviewde bewoner wijst op het rendement ten opzichte van niet investeren: “Als je geld op de plank hebt, dan is het zonde om niet te investeren, want op de bank levert het niets op”. Voor het financiële rendement speelt ook de beschikbaarheid van subsidies een rol. Meerdere deelnemers geven aan dat die het aantrekkelijk maakten om mee te doen aan de collectieve warmteoplossing.

Onafhankelijkheid van Groninger gas is voor een aantal geïnterviewden een drijfveer om een te besluiten over te gaan op een aardgasvrije woning.

”Er is zoveel gedoe in Groningen met gas, ik zei tegen vrouw: ik wil van gas af”, aldus een geïnterviewde.

‘’Gasloos is de toekomst, maar het geeft ook een stukje comfort, door vloerverwarming. Dezelfde bewoner geeft aan dat het ‘’ook wel een dikke vinger is naar de [Nederlandse Aardolie Maatschappij] NAM. Deze bewoner woonde tegen Huizinge aan waar tot nu toe de zwaarste aardbeving ooit in Nederland is gemeten. Deze bewoner geeft aan destijds verstijfd te zijn geweest van schrik. Verder geeft deze bewoner aan: ‘’Er zijn wel eens vaker bevingen, daar word ik ook heel kwaad om. Het is nog niet eens angst, maar hoe er met je wordt omgegaan, hoe je wordt behandeld.’’ Andere bewoners beschrijven vergelijkbare ervaringen. ‘’We wonen boven gasbel, die veroorzaakt sinds 2006 al eerste schades. We hebben conflicten met NAM en [Schade Coördinator Groningen] SCG gehad. Dit zetten ons wel aan het denken. ‘’Eerst was het niet milieu maar gas, we wilden dat er minder zou worden opgepompt om minder last van te hebben.

Onze beslissing om aardgasvrij te worden is versneld toen de aardbeving in Huizinge er was 4 jaar geleden, toen ging we denken: hoe zit dat met dat gas.’’

Enkele bewoner geven aan dat de hoge gasprijs een (extra) reden was om van het gas af te willen.

Aansluitend op de vorige drijfveer over de ervaren bezwaren met Groninger gas, ervaren sommige geïnterviewden ook bezwaren met Russisch gas. ”Russisch gas zint me ook niet. Dat land staat me helemaal niet aan’’, aldus een bewoner.

Een geïnterviewde geeft aan dat het vooruitzicht te kunnen koken op inductie heeft bijgedragen een het besluit over te gaan op een aardgasvrije woning: “inductiekookplaat is zeer aantrekkelijk”

Meerdere bewoners geven aan dat het versterkingstraject waar ze in (gaan) zitten goed te combineren is met aardgasvrij wonen. “Het feit dat we in versterkingstraject zaten, betekende dat we een halfjaar uit onze woning moesten, en dat de woning helemaal moest worden leeggehaald. Het was een dusdanig ideaal moment.  Anders wordt het lastiger en duurder.’’

Een andere bewoner geeft aan: ‘’Ik zag het als een koppelkans aardgasvrij wonen te combineren met de gedeeltelijke sloop en versterking van mijn woning’’.

Ook de bevingen in Huizinga geven aanleiding voor de combinatie van versterking en aardgasvrij wonen. “Na Huizinga, ontstond het besef: we moeten van gas af. Toen in dat kader niet alleen schadeherstel, maar ook versterking op gang kwam omdat bleek dat de huizen niet bestand zijn tegen bevingen, zagen we dit als een kans om, als boel toch op schop gaat, te combineren met het verduurzamen van de woning’’.

Een andere bewoner geeft aan: voor ons was de financiering doorslaggevend, op nummer 2 de energie-adviseur.’’ Maar we hadden het zeker niet gedaan als we niet in de versterking hadden gezeten.

Sommige bewoners blijken aangetrokken te worden door het nieuwe en experimentele karakter van de overgang naar aardgasvrij. “We staan wel open voor aparte, nieuwe dingen. Daarom hebben we ook voor een speciaal model warmtepomp gekozen, de SolarFreezer.”

Anderen waarderen specifiek inductiekoken als nieuwe technologie: “Een inductiekookplaat is (voor ons) zeer aantrekkelijk”.

Een bewoner kijkt positief terug op de financiering van aardgasvrije maatregelen.

“De financieringsmogelijkheden vielen me 100% mee, je had dus die 5000 euro en  de renteloze lening. Maar de beschikbaarheid van eigen geld was wel ook noodzakelijk anders was het niet doorgegaan, met de oude energieprijzen in ieder geval. Uiteindelijk moet het financiële plaatje moet wel kloppen. [Als de lening niet renteloos was] Anders hadden we ook nog rente moeten betalen en terugverdientijd van sommige apparaten was al lang. Gerichte subsidie helpt wel: dat trekt mensen over streep.’’

Een bewoner heeft bij het maken van de keuze voor aansluiten op het warmtenet de positieve ervaringen die er al zijn laten meewegen. “Ik ben goed op de hoogte van ervaringen. Dat was voor mij ook reden; ik dacht al die nieuwe huizen gaan over op WarmteStad. Als het slecht zou zijn, zouden die in de kou zitten.” Andere bewoners geven aan vertrouwen te hebben in warmtepompen als oplossing.

Een bewoner geeft aan zich ervan bewust te zijn dat uiteindelijk alle bewoners van het gas af moeten. “En wat ons als langer werd gezegd: deze wijken gaan in 2030 van het gas af. “

Naast de inhoud van de financiële regeling zijn geïnterviewde bewoners ook te spreken over de manier waarop deze is opgezet. De regeling werkt op basis van vertrouwen in bewoners dat zij het geld gaan inzetten voor verduurzaming van hun woning. “Het contact met de gemeente [over de regeling] was heel goed. Het is een financiële regeling is op mensenmaat en was heel laagdrempelig om aan te vragen. Zowel de lening als de 5000 euro subsidie werden van te voren overgemaakt. Er kwam iemand vanuit de gemeente even kijken toen de werkzaamheden klaar waren. Eigenlijk is het een lening op basis van vertrouwen. Dit kan ook in een kleine gemeente.’’ De gemeente denkt ook mee als er sprake is van bijzondere situaties. Een bewoner geeft aan dat de aanvraag voor financiering voor haar lastig was, omdat ze een eigen bedrijf heeft. ‘’Uiteindelijk heeft gemeente voor mij uitzondering gemaakt.”

Een aantal bewoners baseert hun keuze voor aardgasvrij op vertrouwen in leveranciers en installateurs. “Dat de installateur van het dorp die de installatie ging aanleggen er ook al een had gaf vertrouwen”. “Ik zocht een betrouwbare en geluidsarme warmtepomp en vond die doordat de installateur en een collega dezelfde warmtepomp hadden en hiermee goede ervaringen hadden. Dezelfde warmtepomp was ook al uitgebreid toegepast in Zweden.”

Een geïnterviewde geeft aan dat hoewel hij open staat voor een aardgasvrije woning, hij zich niet kon vinden in het advies dat hij kreeg van de energieadviseur. Het pakket aan maatregelen voor een aardgasvrije woning omvatte een grote opslagketel voor warm water van 300 a 400 liter. Dit ziet hij niet zitten. De geïnterviewde wil deze ketel niet in zijn garage hebben. Hij voorzag veel gedoe met leidingen en wilde niet zo’n grote opslagtank. De geïnterviewde geeft aan dat dit voor hem eigenlijk het enige obstakel is voor een aardgasvrije woning.

Een bewoner geeft aan het niet nodig te vinden om van het aardgas te gaan. “Er is ons altijd geleerd dat aardgas minst verontreinigend is. Ik vind het ook niet nodig om van het gas af te gaan.”

Bij het nemen van de beslissing is het voor een bewoner nog niet helder of deze zelf in het huis zou gaan wonen of dat het huis zou worden verkocht. De vraag is of een toekomstige koper op het warmtenet aangesloten zou willen worden. Dit is uiteindelijk opgelost door een hardheidsclausule dat de koper – totdat de spade de grond in zou gaan – de beslissing nog kan wijzigen.

“Het enige was: we beslissen het voor de koper. Maar dat werd opgelost door de hardheidsclausule.”

Hoewel er gebruik gemaakt kon worden van een renteloze lening in combinatie met een subsidie in Eemsdelta[1] [de regeling is inmiddels niet meer beschikbaar], is dit niet voldoende voor een aantal geïnterviewden. ‘Je krijgt toch te maken met verhoogde maandlasten. Wij hadden er 15.000 van ons eigen geld in moeten steken en de lening van 20.000 terug moeten betalen. We hadden het wel gedaan als we minder hoefden te investeringen. Ook de terugverdientijd heeft meegespeeld. ‘’Als de terugverdientijd korter was geweest, of als we veel jonger waren geweest en hier nog 20 jaar zouden wonen zouden we het misschien wel hebben gedaan.’’

Eén bewoner in een andere gemeente geeft aan: “Ik heb twee keer een energieconsulent op bezoek gehad. Samen rekenden we uit dat de investering in de woning meer dan 26 keuro zou kosten. Dat is voor ons huis niet rendabel.” Eén bewoner geeft aan dat specifiek de huidige salderingsregeling een belemmering is: “De salderingsregeling moet beter afgestemd worden op vraag en aanbod in zomer/winter.”

Voor sommige bewoners was het gebrek aan keuzemogelijkheid een barrière voor aardgasvrij. Dat resulteerde in opmerkingen zoals “Er was maar één optie, namelijk stadsverwarming.” “Er was geen goed alternatief.”

De leeftijd van de geïnterviewde bewoners is in bepaalde gevallen een belangrijke reden om niet over te gaan tot een aardgasvrije woning. De terugverdientijd van maatregelen wordt ervaren als te lang.
Een voorbeeld is: ‘’Uit het advies kwam naar voren dat het huis niet simpel aardgasvrij te maken was, er was nog maar weinig geïsoleerd. In rapport stond alles wat moest gebeuren. Kosten: 40.000 euro. De terugverdientijd was te lang. Ik ben 60 man en mijn man is 75. Zo lang wonen we niet meer in ons huis, dus hebben we er vanaf gezien.’’

Een ander vertelt: “En daarbij als ik misschien 50 was geweest dat ik het wel gedaan had. Ik ben een oud mens.” Weer een andere bewoner: “We zijn nu allebei 76. Ik weet ook niet of als we 80 jaar zijn we in verzorgingstehuis zitten.”

En nog een andere bewoner: “Ik maak zelf mijn huis zo energiearm mogelijk, maar de volgende generatie moet investeren in aardgasvrij” (meneer is 63 jaar oud).

Een bewoner geeft aan dat aansluiting op het warmtenet leidt tot hogere kosten.

“Belangrijkste reden is het kostenplaatje, ik ben niet voordeliger uit”.

“Aan vaste lasten voor huur apparatuur, vastrecht, et cetera was je al 500 euro per jaar kwijt. Ik weet wel dat je voor gas en licht ook vastrecht hebt. Maar maak het dan al aan het begin aantrekkelijker. Apparatuur heeft geen onderhoud nodig. Mijn CV ketel wel, dat keteltje wordt schoongemaakt.”

Kritische geluiden in de media heeft voor een bewoner zijn besluit beïnvloed.
“Er waren andere geluiden van wetenschappers en journalisten, AT5, GroenLinks medewerker, David Smeulders (biomassa geen goed idee), Wynia’s week column”

Een bewoner vertelt dat de maatregelen moeten worden uitgevoerd door een erkende installateur om in aanmerking te komen voor subsidie . Deze bewoner wil zelf de oplossingen installeren. “Ik klus liever zelf, terwijl je om voor subsidie in aanmerking te komen twee maatregelen moet laten uitvoeren door een erkend bedrijf. Ik ga zelf mijn huis nog verder isoleren om het gasverbruik onder de 1000 m3 te brengen.”

Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van de laatste updates op Energy.nl?

Nieuwsbrief(Vereist)
Meer informatie