Alleen isoleren niet voldoende
Corporaties investeren veel in het isoleren van woningen, maar het aandeel woningen dat daadwerkelijk van het gas afgaat, blijft beperkt. Jaarlijks gaat het om zo’n 53.000 corporatiewoningen die geïsoleerd worden, terwijl slechts 18.000 woningen een warmtepomp krijgen. Daarmee komen de Nationale Prestatieafspraken (NPA) en het doel om corporatiewoningen in 2050 CO2-vrij te hebben in het geding.
Momenteel wordt een woning eerst volledig geïsoleerd. Pas daarna wordt eventueel een warmtepomp geplaatst. Maar isoleren is een dure en arbeidsintensieve stap, die per geïnvesteerde euro niet de meeste reductie in CO2 en energielasten oplevert. Bovendien remt deze aanpak de voortgang van de energietransitie . Om te versnellen worden nu op verschillende plekken woningen die minder goed geïsoleerde zijn (energielabel D-isolatie) voorzien van een all-electric warmtepomp. Bij gelijke investeringen kunnen op die manier 30% meer warmtepompen geplaatst worden dan wanneer er alleen goed geïsoleerd wordt. Daarmee krijgen 30% meer woningen sneller toegang tot lagere energielasten dan nu. Het is echter nog onvoldoende duidelijk wat dit betekent voor het comfort van deze woningen.
Hybride warmtepompen kunnen bij een deel van de woningen in ieder geval een bijdrage leveren aan het sneller behalen van de klimaatdoelen. Daarvoor moeten de hybride warmtepompen wel all-electric-ready zijn. Isoleren blijft belangrijk maar het loont om goed na te denken over het isolatieniveau en de timing. Isoleren naar energielabel D of naar de isolatiestandaard blijft essentieel om toekomstige verwarmingssystemen efficiënt te laten functioneren, maar het hoeft niet altijd vóór installatie van een warmtepomp plaats te vinden.
Hybride warmtepomp als versneller
Hybride warmtepompen (all-electric-ready) kunnen in niet-geïsoleerde woningen worden geplaatst, en zijn eenvoudiger te installeren dan all-electric warmtepompen. Wel wordt er nog steeds gas verbruikt door de ketel. Zodra isolatie is doorgevoerd, kan een all-electric-ready hybride warmtepomp worden omgeschakeld naar volledig elektrische werking. Daarmee kunnen ze een tussenstap zijn in de route naar aardgasvrije corporatiewoningen.
Alle verwarmingsketels in corporatiewoningen die het einde van hun levensduur bereiken, zouden vervangen kunnen worden door een warmtepomp. Een all-electric-ready hybride warmtepomp is daarvoor kansrijk. Het leidt tot dezelfde CO₂‑reductie en energielasten in 2050 als direct overstappen naar all-electric, maar biedt flexibiliteit in planning, capaciteit en investeringen.
De studie constateert dat de inzet van warmtepompen omhoog moet om klimaatdoelen te halen. Corporaties en installatiesector moeten samen opschalen naar ruim 74.000 warmtepompen per jaar (dit is zonder rekening te houden met de mogelijke aanleg van nieuwe warmtenetten). Daarbij is wel sturing nodig om te voorkomen dat hybride systemen het eindstation worden, maar leiden tot isolatie en all‑electric gebruik.
Belangrijke conclusies
- Isoleren alléén is een minder effectieve investering.
- Gecombineerd met warmtepompen neemt de efficiëntie van isolatie sterk toe.
- Het faseren van maatregelen leidt tot een beter uitvoerbare en snellere transitie.