Acceptatie van tariefverschillen
Woningeigenaren staan gemiddeld neutraal tegenover de overgang naar kostengebaseerde tarieven, maar achter dit gemiddelde gaat aanzienlijke verdeeldheid schuil. Van de 2192 respondenten is 37% (zeer) positief, terwijl 27% (zeer) negatief is over deze verandering.
Mening overgang kostengebaseerde tarieven
De argumenten die woningeigenaren aandragen voor hun houding tegenover kostenverschillen verschillen sterk. Positieve houdingen hangen samen met overwegingen over eerlijkheid en efficiëntie: kostengebaseerde tarieven worden gezien als transparant en kunnen een stimulans vormen om kosten laag te houden. Ook het loslaten van de koppeling met de gasprijs wordt als voordeel genoemd. Negatieve houdingen worden vooral ingegeven door zorgen over ongelijkheid tussen gebieden, onbetaalbaarheid en wantrouwen richting warmtebedrijven.
Verschil van €100 tussen warmtenetten onacceptabel
Er is minder verdeeldheid over de vraag of een tariefverschil van €100 per maand tussen warmtenetten acceptabel is: een meerderheid vindt dit onacceptabel. Dit duidt erop dat grote tariefverschillen maatschappelijk gevoelig kunnen liggen. Er is niet naar andere bedragen gevraagd, waardoor geen algemene grens kan worden vastgesteld.
€100 per maand verschil tussen warmtenetten
Een verschil van €50 acceptabel binnen warmtenetten
Binnen warmtenetten ligt de acceptatie anders. Woningeigenaren staan overwegend positief tegenover gebruiksafhankelijke tarieven, waarbij kosten meer afhangen van het daadwerkelijke verbruik in plaats van een uniform vast tarief voor iedereen. Een verschil van €50 per maand tussen gebruikers binnen één warmtenet wordt door een meerderheid acceptabel gevonden.
Mening gebruiksafhankelijke tarieven
€50 per maand verschil binnen warmtenetten
Algemene houding tegenover warmtenetten speelt rol
De houding ten opzichte van tariefstructuren hangt samen met de algemene mening over warmtenetten. Woningeigenaren die positief staan tegenover warmtenetten, zijn ook vaker positief over zowel kostengebaseerde als gebruiksafhankelijke tarieven. Dit is geen causaal verband, maar toont wel aan dat draagvlak voor tariefsystematiek niet los kan worden gezien van het bredere beeld van warmtenetten.
Dit heeft implicaties voor communicatie: als mensen begrijpen waarom warmtenetten worden ingevoerd, welke voordelen ze bieden en hoe tarieven tot stand komen, kan dat indirect bijdragen aan acceptatie van nieuwe tariefstructuren.
Beleidsaanbevelingen
Op basis van de bevindingen zijn drie concrete aanbevelingen geformuleerd:
- Houd bij het vormgeven van de tariefsystematiek rekening met maatschappelijke acceptatie, maar behoud ook ruimte voor verschillen die prikkels voor efficiëntie mogelijk maken. De Wet collectieve warmte bevat instrumenten zoals een tarieflimiet om grote verschillen te beperken. Bij het bepalen van de tarieflimiet kunnen deze inzichten richting geven.
- Maak ruimte voor verschillende tariefstructuren en experimenteer hiermee. De positieve houding biedt kansen, maar vraagt wel om transparantie in de tariefopbouw en een zorgvuldig ontwerp van de verhouding tussen vast en variabel. Zo kunnen prikkels voor efficiëntie samengaan met een gevoel van eerlijkheid.
- Investeer in een brede communicatiestrategie over warmtenetten en de totstandkoming van tarieven. Leg nadruk op voordelen, transparantie en eerlijkheid, zodat draagvlak voor het systeem als geheel groeit. Dit kan indirect bijdragen aan de acceptatie van nieuwe tariefstructuren.