In het interdepartementaal beleidsonderzoek (IBO) Bekostiging van de Elektriciteitsinfrastructuur is becijferd dat er in de periode 2024-2040 195 miljard euro geïnvesteerd moet worden in de elektriciteitsinfrastructuur, waarvan 107 miljard euro voor de infrastructuur op land. Hierop is te besparen, voor een deel door gerichte interventies die decentrale ontwikkelingen stimuleren.
Gerichte interventies besparen kosten
Het grootste deel van de decentrale ontwikkelingen met een besparingspotentieel heeft te maken met gebruikers, zowel kleinverbruikers als grootverbruikers. Belangrijke interventies die decentrale ontwikkelingen stimuleren zijn:
- Sturen op de locaties van vraag en aanbod, bijvoorbeeld via energiegemeenschappen, energyhubs met nieuwe aansluitovereenkomsten, of via locatie-afhankelijke nettarieven en subsidies.
- Sturen op gebruik van flexibiliteit in de gebouwde omgeving, waaronder slim en bidirectioneel laden van elektrische voertuigen en slimme aansturing van warmtepompen en thuisbatterijen.
- Waarderen van flexibiliteit op bedrijventerreinen, waaronder industriële vraagrespons , power-to-heat en power-to-x, en opslag van energie.
- Stimuleren van warmtenetten en warmtebatterijen.
Naast de besparing op de verzwaring van het elektriciteitsnet zijn er vele andere voordelen. Bedrijven en bewoners richten zich in de praktijk vooral op het inpassen van hun activiteiten binnen de beschikbare ruimte op het net. Niet zozeer het verminderen van, maar het omgaan met netcongestie vormt hierbij de belangrijkste drijfveer voor decentrale ontwikkelingen. Deze zijn ook essentieel voor het mogelijk maken van economische groei en snellere woningbouw, het behalen van klimaatdoelen, het faciliteren van duurzame ontwikkelingen en het verlagen van energiekosten. Ook lijkt het maatschappelijk draagvlak voor de kosten en het ruimtegebruik van energietransitie hoger wanneer het lokale of regionale initiatieven betreft. Ten slotte kunnen decentrale ontwikkelingen bijdragen aan een hogere weerbaarheid en strategische onafhankelijkheid.
Randvoorwaarden voor decentrale ontwikkelingen
Om de interventies mogelijk te maken en de besparingen te realiseren moet aan een aantal randvoorwaarden worden voldaan. Dat begint met de technische, economische en juridische zaken die een basis vormen voor de opschaling. Denk aan een gezonde businesscase, standaarden voor gebruik in energie-management-systemen, innovatieve contracten en dergelijke. Andere randvoorwaarden bestaan uit de samenwerkingen die nodig zijn voor de nodige planmatige en systemische aanpak en de invulling van de tekorten aan technici, installateurs en andere essentiële experts. Als laatste is het ontzorgen van de gebruikers en het bieden van zekerheid aan investeerders belangrijk met een heldere, standvastige koers in beleid en regelgeving.
De drie belangrijkste aanbevelingen
- Stimuleer interventies voor decentrale ontwikkelingen door de randvoorwaarden te adresseren. Het besparingspotentieel is dermate groot en decentrale ontwikkelingen dienen ook andere relevante doelen.
- Maak de maatschappelijke kosten en baten verdeling inzichtelijk. Interventies besparen, maar vragen ook weer investeringen, en niet altijd van dezelfde partij.
- Blijf zoeken naar aanvullende interventies en blijf grip houden op de effecten. Maak het makkelijker die effecten in kaart te brengen en de effecten in de praktijk te monitoren.