Effect prijsschok 80% lager bij volledige verduurzaming
Een prijsschok van 70% voor fossiele energie – olie, kolen en aardgas -, vergelijkbaar met die van de energiecrisis in 2022, heeft een sterk verminderde impact wanneer het Nederlandse energiesysteem wordt verduurzaamd met bijvoorbeeld windturbines en zonnepanelen en het fossiele energieverbruik sterk wordt teruggedongen. Bij klimaatneutraliteit in 2050 ligt de stijging van energiekosten 80% lager dan in de huidige situatie (gebaseerd op het energiegebruik uit 2023). Het effect op de economie wordt beperkt tot tot 0,3% van het BBP.
Ook in minder ambitieuze scenario’s biedt verduurzaming bescherming tegen prijsschokken voor fossiele energie. Wanneer fossiele energie een belangrijkere rol (30% van de energiemix ) houdt naast duurzamere alternatieven, beperkt de economische impact van een prijsschok in 2050 zich nog steeds tot 1,1- 1,2% van het bbp. De energiekosten zijn 30% tot 40% lager dan bij een prijsschok in de huidige situatie.
Stabielere kosten energiesysteem
Verduurzaming stabiliseert niet alleen de energierekening, maar maakt op termijn ook de totale kostenstructuur van het energiesysteem minder afhankelijk van internationale fossiele prijsschommelingen. In 2030 leidt een plotselinge stijging van de fossiele prijzen in alle toekomstscenario’s nog tot een vergelijkbare toename van de systeemkosten: ongeveer 22%. Maar daarna lopen verschillende verduurzamingsscenario’s uiteen.
In een energiesysteem waarin fossiele energie vrijwel geheel is uitgefaseerd is het effect van dezelfde prijsschok in 2050 slechts 3%. In scenario’s waarin fossiele energie een belangrijke rol blijft spelen (30% van de energiemix) , blijft het systeem aanzienlijk kwetsbaarder en stijgen de systeemkosten in 2050 nog steeds met circa 12%.
Transportsector blijft meest kwetsbaar voor prijsschokken
De kwetsbaarheid voor prijsschokken verschilt per sector. Prijsschokken hebben de grootste relatieve impact op de transportsector, vooral wanneer fossiele brandstoffen gebruikt blijven worden. Dit geldt zowel voor internationaal en binnenlands vervoer.
Ook de gebouwde omgeving en de agrarische sector ondervinden in 2030 naar verwachting nog gevolgen van prijsschokken vanwege hun afhankelijkheid van aardgas. Dit effect neemt af naarmate het aardgasgebruik daalt.