Kosten energietransitie voor industrie
Bij zowel de productie van chloor en die van syncrude, waarbij huishoudelijk afval wordt omgezet in synthetische ruwe olie, variëren de kosten van duurzame energie aanzienlijk. De chloor productieketen is flexibel en vraagt alleen om elektriciteit, terwijl de productieketen van syncrude onder basislast werkt en naast elektriciteit vooral waterstof gebruikt.
2024: weinig verschil tussen de landen
Voor zowel chloor als syncrude zijn er in 2024 geen grote verschillen in de kosten van hernieuwbare energie tussen de twee landen. In Nederland heeft offshore wind het grootste aandeel, in Saoedi-Arabië is dat zonne-energie. Voor het chlooralkaliproces bedragen de kosten in Nederland 113 EUR/MWh en in Saoedi-Arabië 110 EUR/MWh. Voor de productie van syncrude zijn de kosten meer dan twee keer zo hoog, namelijk 254 en 291 EUR/MWh voor respectievelijk Nederland en Saoedi-Arabië.
Voor beide processen omvatten de kosten het hele systeem van opwekken, opslag en de eventuele omzetting naar elektriciteit en/of waterstof.
2040: totale kosten blijven bij elkaar
Door verwachte dalingen in kosten voor zonne-energie en batterijen neemt het verschil in energiekosten voor de productie van chloor flink toe. Dit loopt op tot zo’n 40% in het voordeel van Saoedi-Arabië, omdat hiervoor in Nederland offshore windenergie wordt ingezet. Kijk je echter naar de totale productiekosten, inclusief de benodigde zout- en kapitaalkosten voor de fabriek, dan neemt het verschil af tot maar zo’n 8%.
Bij de productie van syncrude is het verschil in kosten voor hernieuwbare energie in 2040 nog steeds beperkt tussen de twee landen, omdat het hierbij gaat om een inflexibel proces dat voornamelijk waterstof vereist. De energiekosten voor syncrudeproductie liggen nog steeds flink hoger dan die voor chloor.
De impact van flexibiliteit
Het type productieketen en de mate van flexibiliteit in het proces hebben veel impact, zowel op de energiekosten als op het waargenomen verschil tussen de landen. De chlooralkali-keten, met anderhalve dag productopslag en een kernproces dat kan opereren tussen 40-100%, is flexibeler en heeft veel lagere energiekosten dan de inflexibele syncrude-keten waarvoor met name waterstof nodig is.
Locatie is maar één factor
De verschillen in duurzame energiekosten voor industriële productie tussen Nederland en Saoedi-Arabië zijn dus beperkt, ook als we doorkijken naar 2040. De locatie van een industrieel proces is niet de enige bepalende factor voor de kosten van duurzame energie. Het soort proces, de beschikbare energiebronnen en de noodzaak van energieopslag spelen een even belangrijke rol. De opzet van het onderzoek biedt een bruikbaar model voor verder onderzoek naar andere productieprocessen en locaties. Dat is nodig om een completer beeld te vormen van de kosten van de wereldwijde energietransitie voor de industrie.