In twee scenario’s – een Europa met en zonder extra internationale netverbindingen – is gekeken naar de effecten op de elektriciteitsprijzen en op de fysieke ruimte die nodig zijn voor elektriciteitsproductie. Hierbij is een focus gelegd op Nederland.
Ruimtedruk
In het scenario met een groter Europees netwerk importeert Nederland meer elektriciteit uit landen met veel waterkracht, wind- en zonne-energie, zoals Noorwegen en Spanje. Daardoor kan Nederland gemiddeld met één grote elektriciteitscentrale minder per provincie uit (3 in plaats van 4 per provincie) en heeft Nederland een derde minder oppervlakte nodig voor zonnepanelen. Als het Europese netwerk niet wordt uitbreid na 2030 heeft dat gevolgen voor ruimtegebruik en ook het maatschappelijk draagvlak in Nederland. De elektriciteitsvraag speelt hier ook een belangrijke rol bij: als de energie-intensieve industrie vertrekt dan is de ruimtelijke opgave kleiner.
Elektriciteitsprijzen
Als er extra importmogelijkheden komen, hoeft Nederland minder ruimte te maken en minder te investeren voor elektriciteitsproductie. Door de export stijgt in Noorwegen de gemiddelde elektriciteitsprijs met circa 19% en neemt het ruimtegebruik toe door de export van waterkracht en windenergie naar andere Europese landen. Dit kan verdere netuitbreiding onaantrekkelijk maken, met name voor Noorwegen.
Afhankelijkheid
Een groter Europees netwerk vergroot de afhankelijkheid tussen landen. Nederland wordt met name afhankelijker van Noorwegen. Doordat de kosten en baten ongelijk uitpakken, zowel qua elektriciteitsprijzen als ruimtegebruik, is verdere netuitbreiding niet vanzelfsprekend. Voor Nederland betekent dit dat er belangrijke afwegingen moeten worden gemaakt. Meer import kan de ruimtelijke en maatschappelijke druk van kerncentrales en windmolens verlichten, maar vergroot de afhankelijkheid van investeringsbeslissingen in andere landen. De keuze tussen meer autonomie en verbondenheid ligt voor de hand om in Europees verband te maken.
Kennisprogramma Energietransitie Integraal Kostenbeeld
Deze studie is onderdeel van het onderzoeksprogramma EIK en valt onder het werkpakket systeemkosten. Klik hier voor meer informatie.