Reductiecontrole: hoe vervangbaar voelt een verre vliegreis?
Kan een vakantie naar Ibiza dezelfde ervaring bieden als een reis naar Bali, of voelt die verre bestemming als onvervangbaar? Zou je in plaats van drie keer een week ver weg ook één keer drie weken kunnen gaan? Dit soort subjectieve belevingen vallen onder het begrip reductiecontrole: de mate waarin iemand het gevoel heeft dat het haalbaar is om een verre vliegreis te vervangen door een bestemming dichterbij, of om minder vaak ver te vliegen, maar langer te blijven.
Mensen die weinig reductiecontrole ervaren, maken meer verre vliegreizen en hebben ook meer plannen voor verre vliegreizen in de toekomst. Reductiecontrole speelt een centrale rol bij de keuze voor ver vliegen. Vrijwel alle factoren die samenhangen met het aantal verre vliegreizen lopen indirect via reductiecontrole.
Wie zichzelf als wereldreiziger ziet, vliegt vaker ver
Reizigersidentiteit, de mate waarin iemand zichzelf ziet als wereldreiziger, hangt van alle onderzochte factoren het sterkst samen met de keuze voor een verre vliegreis. Van de Nederlanders die afgelopen twee jaar hebben gevlogen, identificeert 28% zich als wereldreiziger.
Die identiteit hangt samen met de behoefte aan bijzondere vakantie-ervaringen. Wie meer belang hecht aan het ontdekken van culturen, natuur en avontuur, heeft een sterkere reizigersidentiteit. Ook de sociale omgeving speelt mee. Hoe meer er in iemands omgeving ver wordt gevlogen, hoe positiever de houding tegenover ver vliegen en hoe sterker de reizigersidentiteit.
Wie zich sterker identificeert als reiziger, ervaart minder reductiecontrole. Reclame en sociale media versterken dat. Wie een sterkere reizigersidentiteit heeft, zegt meer in aanraking te komen met reisinspiratie via reclame en sociale media. Naarmate die blootstelling groter is, wordt ver vliegen sterker als statussymbool gezien. Ook dat hangt op zijn beurt samen met minder reductiecontrole.
Duurzame reizigersidentiteit hangt samen met meer reductiecontrole
Terwijl mensen met een sterkere reizigersidentiteit het vaak moeilijker vinden om verre vliegreizen te vervangen, werkt de duurzame reizigersidentiteit de andere kant op. Wie zichzelf meer ziet als duurzame reiziger, vindt het juist makkelijker om alternatieven dichterbij te overwegen. Van de Nederlanders die afgelopen twee jaar hebben gevlogen, beschouwt 33% zichzelf als iemand die minder verre vliegreizen zou willen maken.
De duurzame reizigersidentiteit hangt samen met zorgen over klimaatverandering, hoewel die zorgen zich niet vanzelf vertalen in een duurzamere reizigersidentiteit. Dat gebeurt alleen wanneer ze samengaan met kennis over de klimaatimpact van ver vliegen én de wil om verantwoordelijkheid te nemen voor het tegengaan van klimaatverandering. Dat verantwoordelijkheidsgevoel hangt op haar beurt negatief samen met de sociale norm. Hoe meer mensen in de omgeving ver vliegen, hoe minder verantwoordelijkheid men zegt te willen nemen.
Kostenbewustzijn speelt geen rol
Opvallend is dat kostenbewustzijn geen directe of indirecte samenhang vertoont met het aantal verre vliegreizen. Met een gemiddeld vakantiebudget van €2.363 per persoon en rechtstreekse retourvluchten naar bestemmingen als Thailand vanaf circa €800, past een verre vlucht voor velen ruim binnen het budget.
Ook het gebruik van frequent flyer punten, de sociale druk om minder te vliegen, en de mate waarin vliegen een gewoonte is, vertonen geen samenhang met het aantal verre vliegreizen. Bij korte vliegreizen binnen Europa ligt dat anders: daar speelt de vlieggewoonte wel een rol.
Aanknopingspunten voor beleid
De rol van reizigersidentiteit en reductiecontrole biedt aanknopingspunten voor beleid gericht op het verminderen van verre vliegreizen:
Campagnes
Campagnes die inspelen op de reizigersidentiteit kunnen waarschijnlijk een bijdrage leveren, bijvoorbeeld door bijzondere ervaringen te suggeren die dichterbij te vinden zijn. Ze kunnen ook de duurzame reizigersidentiteit versterken, door de grotere klimaatimpact van verre vliegreizen inzichtelijk te maken. Ook kan gepoogd worden de verantwoordelijkheid van mensen aan te spreken om zelf een rol te spelen in het beperken van klimaatverandering en te laten zien dat hun bijdrage ertoe doet.
Reclameverbod
Een verbod op online reclame voor verre bestemmingen kan de blootstelling aan reisinspiratie verminderen. Dit kaner mogelijk voor zorgen dat ver vliegen ook minder als statussymbool wordt gezien. Voor reisprogramma’s op televisie en andere media geldt dat de overheid zich niet mag bemoeien met de inhoud. Mediapartijen zouden hier op eigen initiatief mee aan de slag kunnen.
Vliegbelasting
Omdat kostenbewustzijn geen directe of indirecte samenhang vertoont met de keuze voor een verre vliegreis, is geen uitspraak te doen over het mogelijke effect van een naar afstand gedifferentieerde vliegbelasting. Voor de meeste reizigers past een verre vlucht ruim binnen hun vakantiebudget. Een dergelijke belasting zou daarom aanzienlijk moeten zijn om effect te sorteren.
Alternatieven voor gezinnen
Tot slot lijkt speciale aandacht voor alternatieven voor gezinnen zinvol. Vliegervaring in de jeugd hangt samen met een sterkere reizigersidentiteit en vlieggewoonte op latere leeftijd. Ervaring met alternatieven in de jeugd, zoals de internationale trein, kan op termijn mogelijk bijdragen aan een duurzamere reizigersidentiteit en een minder sterke vlieggewoonte.