Dit onderzoek bouwt voort op de Nederlandse energiekosten die binnen het kennisprogramma Energietransitie Integraal Kostenbeeld (EIK) zijn gemodelleerd.
Van productiekosten naar maatschappelijke businesscase
In dit onderzoek zijn het huidige beleidsmatige pad en twee scenario’s voor een klimaatneutrale energievoorziening richting 2050 meegenomen. Vervolgens zijn de effecten op gezondheid, leveringszekerheid, klimaat en de macro-economie op een voorzichtige manier in economische waarde uitgedrukt.
Wanneer bijvoorbeeld de afhankelijkheid van geïmporteerde fossiele brandstoffen worden gereduceerd en vervangen met binnenlandse productie dan verhoogt dit de weerbaarheid van de Nederlandse economie. Je kan een inschatting maken van de economische waarde van deze weerbaarheid door te kijken naar de economische schade die Nederland heeft geleden gedurende historische energiecrises (zoals de oorlogen in Ukraine en Iran) en door te extrapoleren naar de toekomst. Ons huidige energiesysteem is het goedkoopst wanneer er alleen met productiekosten wordt gerekend. Echter, de scenario’s voor een klimaatneutraal energiesysteem leveren meer op voor ons huidige energiesysteem zodra ook externe effecten worden meegerekend. Over de periode van 2026 tot 2050 verdient de energietransitie zich daarmee als het ware terug. En wanneer ook de baten na 2050 worden meegenomen, wordt de maatschappelijke business case voor de transitie nog voordeliger.
Bredere maatschappelijke effecten van de energietransitie

Maatschappelijke baten vertalen naar individuele investeringen
De economische baten van de energietransitie zijn reëel, maar de transitie is niet ‘gratis’ voor iedereen. De belangen van huishoudens, bedrijven, financiële instellingen, netbeheerders en publieke organisaties kunnen verschillen van de maatschappelijke businesscase als geheel.
Partijen binnen waardeketens zijn bovendien van elkaar afhankelijk. Er zijn duidelijke voordelen voor het energiesysteem en de economie als geheel, maar die voordelen worden niet gelijkmatig verdeeld over partijen en in de tijd. De kosten moeten vaak vooraf worden gemaakt en komen bij een beperkte groep partijen terecht, terwijl de baten verspreid zijn, pas later zichtbaar worden of uiteindelijk bij andere partijen terechtkomen.
Wat betekent dit voor beleidsmakers?
Voor beleidsmakers ligt hier een belangrijke opgave: zorgen dat partijen de juiste prikkels hebben om te investeren en samen te werken. Dat is geen eenvoudige opgave. Maar het wordt wel gemakkelijker wanneer duidelijk is dat de energietransitie niet alleen maatschappelijke waarde creëert, maar ook economisch waardevol kan zijn.