Toenemende invloed van zonnepanelen
Een opvallende ontwikkeling is de snelle groei van zonne-energie op utiliteitsgebouwen. Het aandeel panden met zonnepanelen steeg van 13 procent in 2020 naar 30 procent in 2024. Daardoor geeft uitsluitend kijken naar elektriciteitsafname van het net steeds minder een volledig beeld van het daadwerkelijke elektriciteitsgebruik.
Om die reden zijn naast kentallen voor netlevering ook elektriciteitskentallen ontwikkeld waarin een schatting is opgenomen van de lokaal opgewekte en direct verbruikte zonnestroom. Dit levert een realistischer beeld op van het totale elektriciteitsverbruik van gebouwen.
Grote verschillen tussen gebouwtypen
Het onderzoek laat zien dat de energie-intensiteit sterk verschilt tussen gebouwtypen. De hoogste energiekentallen worden gevonden bij onder meer productie-installaties, datacenters, gebouwen bij militaire inrichtingen, landbouwgebouwen, nutsvoorzieningen, ziekenhuizen en zwembaden.
Voor aardgasverbruik variëren de kentallen van de meest voorkomende gebouwtypen grofweg tussen 0 en 40 m³ per m² gebruiksoppervlak. Relatief hoge waarden komen voor bij horeca en winkels, waar naast verwarming ook procesgebonden toepassingen aardgas gebruiken. Bedrijfshallen kennen juist vaak een laag gasverbruik doordat deze beperkt worden verwarmd.
Voor elektriciteit lopen de kentallen uiteen van ongeveer 5 tot 400 kWh per m². Horeca, winkels en kantoren behoren tot de meest elektriciteitsintensieve gebouwtypen vanwege het gebruik van verlichting, koeling, ICT, ventilatie en andere technische installaties. Lagere waarden worden onder meer gevonden bij basisscholen, gebouwen op vakantieparken en gebedshuizen.
Bouwjaar, oppervlakte en energielabel maken verschil
De analyses bevestigen dat nieuwere gebouwen gemiddeld minder aardgas gebruiken dan oudere gebouwen. Dit hangt samen met betere isolatie, strengere eisen in bouwregelgeving en de toepassing van alternatieve verwarmingssystemen.
Ook de gebouwgrootte speelt een rol. Grotere gebouwen hebben doorgaans een lager gasverbruik per vierkante meter dan kleinere gebouwen. Voor elektriciteitsverbruik verschilt het beeld per gebouwtype en zijn geen algemene conclusies te trekken.
Voor 2024 zijn daarnaast energiekentallen naar energielabelklasse ontwikkeld. Hieruit blijkt dat gebouwen met betere energielabels gemiddeld minder aardgas gebruiken dan gebouwen met een minder gunstig label. Vooral gebouwen met energielabel A laten duidelijk lagere gaskentallen zien. Voor elektriciteit is het verband minder sterk, omdat energiezuinige gebouwen vaak ook beschikken over meer elektrische installaties zoals warmtepompen, ventilatiesystemen en laadvoorzieningen.
De resultaten bieden waardevolle inzichten voor gebouwbeheerders, beleidsmakers en onderzoekers die werken aan de verduurzaming van de gebouwde omgeving.
Overzicht energiekentallen
De complete set energiekentallen voor aardgas- en elektriciteitsverbruik per gebouwtype, inclusief uitsplitsingen naar oppervlakteklasse, bouwjaarklasse en waar beschikbaar energielabelklasse, zijn beschikbaar via de downloads boven de afbeelding op deze pagina.
Meer weten over de verduurzaming van utiliteitsgebouwen?
Luister de podcast Verduurzaming van utiliteitsbouw uitgelegd uit de serie De energietransitie uitgelegd.